Witboek JHWH Echad (samenvatting A. Buzzard)

Samenvatting van: Chr. Levi Zoutendijk

Sir A. Buzzard & C. F. Hunting – The doctrine of the Trinity, Christianity’s self-inflicted wound

De Joden weten Wie zij aanbidden
“Gij aanbidt, wat gij niet weet; wij aanbidden, wat wij weten, want het heil is uit de Joden; maar de ure komt en is nu, dat de waarachtige aanbidders de Vader aanbidden zullen in geest en in waarheid; want de Vader zoekt zulke aanbidders; God is geest en wie Hem aanbidden, moeten aanbidden in geest en in waarheid” (Joh 4:24).

Alternatieven:
You Samaritans don’t really know the one you worship. But we Jews do know the God we worship, and by using us, God will save the world. (Cont. Eng. vs.)
You Samaritans do not really know whom you worship; but we Jews know whom we worship, because it is from the Jews that salvation comes. (Good News Version)

Joods geleerde over de enige God.
P. Lapide: ‘In order to protect te oneness of God from every multiplication, watering down, or amalgamations with the rites of the surrounding world, the people of Israel chose for itself that verse of the Bible to be its credo which to this very day belongs to the daily litugy of the synagogue but also is impressed as the first sentence of instruction upon the five-year-old school child. This is the confession which Jeshua acknowledged as “the most impotant of all commandments” (p. 3).

Bijbelverzen over enige God
– New Jerusalem Bible: Listen, Israel Yahweh our God is the one, the only Yahweh”.
– Hebben wij niet allen een Vader? Heeft niet een God ons geschapen? Waarom zijn wij dan trouweloos tegenover elkander en ontheiligen het verbond onzer vaderen? (NBG)

Buzzard: ‘.. Christian theologians have denied Jews the right to explain the meaning of God in their own Scriptures’

Claude Montefiori has put it in the clearest way: “As to the nature of God, all Jews maintain that the doctrines of the divinity of Christ, of the Trinity, of the Eternal Son, of the personality of the Holy Spirit, are infractions of the divine Unity and false” (p. 31).

En Lapide: “The belief that God is made up of several personalities such as the Christian belief in the Trinity is a departure from the pure conception of the unity of God. Israel has throughout the ages rejected everything that marred or obscured the conception of pure monotheism it has given to the world, and rather than admit any weakening of it, Jews are prepared to wander, to suffer, to die.”

Bijbelverzen over enige God

Joh 5:44 Hoe kunt gij tot geloof komen, gij, die eer van elkander behoeft en de eer, die van de enige God komt, niet zoekt?
How can ye believe, who receive glory one of another, and the glory that [cometh] from the only God ye seek not? (ASV)
Hier staat eigenlijk the ‘the one and only God’

Joh. 6:27: ‘27 U moet geen moeite doen voor voedsel dat vergaat, maar voor voedsel dat niet vergaat en eeuwig leven geeft; de Mensenzoon zal het u geven, want de Vader, God zelf, heeft hem die volmacht gegeven.’ (NBV)

U moet niet zoveel werk maken van vergankelijk voedsel, maar liever van het voedsel dat blijft, het voedsel van het eeuwig leven, dat de Mensenzoon u zal geven; want op Hem heeft de Vader, God zelf, zijn zegel gedrukt.’ (WB)

Werk niet voor voedsel dat bederft, maar voor voedsel dat niet vergaat en eeuwig leven geeft. Dat zal de Mensenzoon u geven; de Vader, God zelf, heeft hem daartoe de bevoegdheid gegeven.’ (GNB)

Zoon van God
James R. Brady ([p. 42) says: “When the Scriptures talk of Jeshua as the Messiah, probably the most significant title they use is “Son of God”. In passages such as Mt. 16:16 and 26:63 is het duidelijk dat deze twee titels, ‘Messias’ en ‘Zoon van God’ in apposition staan (Ze definiëren elkaar). The titel ‘Zoon van God’ komt zonder twijfel uit het O.T., nl. teksten als 2 Sam, 7:14 en Ps. 2:7, in zijn associatie met de Davische Koning.

Geboren
Heb 7:14 het is immers duidelijk, dat onze Here uit Juda is gesproten, ten aanzien van welke stam Mozes met geen woord van priesters gerept heeft.

Thomas en God
Thomas zei Here Mijn God, maar hij accepteert eindelijk de Koning. God kan gewoon Koning betekenen.
Engel des Heren kan daarom ook God genoemd worden

Omgekeerde redenatie
‘There is no hint anywhere in Paul’s writing that he ever disagreed with the early Church about the person of God (p. 92). (Hij was later bekeerd en alle Joden geloofde in de Eenheid en Sha’ul past zich niet aan) ‘If Paul became an Trinitarian or a Binitarian, when did it happen?’ (p. 93).

“When the very foundation of a religion is changed, some clear explanation is required. Such drastic theological recolutions do not pass unnoticed; witness the columes written and the sometimes bloody controversy …” (pg. 94).

Nog enkele teksten die wijzen op Unitarisme:

  1. Rom. 16:27: Hem, de alleen wijze God, zij, door Jezus Christus, de heerlijkheid in alle eeuwigheid! Amen.
  2. 1Ti 2:5 Want er is een God en ook een middelaar tussen God en mensen, de mens Christus Jezus,
  3. Eph 4:4-6 een lichaam en een Geest, gelijk gij ook geroepen zijt in de ene hoop uwer roeping
    een Here, een geloof, een doop, een God en Vader van allen, die is boven allen en door allen en in allen.
  4. 1Co 8:4-6 Wat nu het eten van offervlees betreft, wij weten, dat er geen afgod in de wereld bestaat en dat er geen God is dan Een. Want al zijn er zogenaamde goden, hetzij in de hemel, hetzij op de aarde (en werkelijk zijn er goden in menigte en heren in menigte) voor ons nochtans is er maar een God, de Vader, uit wie alle dingen zijn en tot wie wij zijn, en een Here, Jezus Christus, door wie alle dingen zijn, en wij door Hem.
  5. 1Ti 6:1-16 welke te zijner tijd de zalige en enige Heerser zal doen aanschouwen, de Koning der koningen en de Here der Heren, die alleen onsterfelijkheid heeft en een ontoegankelijk licht bewoont, die geen der mensen gezien heeft of zien kan. Hem zij eer en eeuwige kracht! Amen.
  6. Joh 20:17 Jezus zeide tot haar: Houd Mij niet vast, want Ik ben nog niet opgevaren naar de Vader; maar ga naar mijn broeders en zeg hun: Ik vaar op naar mijn Vader en uw Vader, naar mijn God en uw God.
     

Nog diepgaander
Over Col. 1:15-17: “What Paul actually wrote was that “all things” – in this case “thrones, dominios, rulers and authorities” – were created in “Jesus”, “through” him and “for” him. It was not that Jesus was the creator in the opening verse of Genesis, but the he was the center of God’s  cosmic hierarchy.”

Satan wordt zelfs ‘god’ genoemd in de zin van heerser: 2Co 4:4 ‘ongelovigen, wier overleggingen de god dezer eeuw met blindheid heeft geslagen, zodat zij het schijnsel niet ontwaren van het evangelie der heerlijkheid van Christus, die het beeld Gods is.’

“If we are sensitive to the proportions of the Biblical use of the term God, we will note the fact that it refers to the Father over 1325 times in the New Testament, while “God” is used for Jesus only twice with complete certainty (other possible cases in which Jesus is called God are alle  doubtfull, as is well known, for grammatical and syntactical reasons). These facts suggest that the very occasional use of “God” for Jesus is a special reference.

Joh 1 en ontstaan van Drie-eenheid

Prof. Wendt: “The opening sentences of John’s Gospel, which might sound like the philosophy of Philo, could be understood by an educated Jew or Christian without any reference to Philo. Therefore we should not argue from Philo’s meaning of “word” as a hypostais that John also meant by “word” a preexisting personality. In the remainder of the Gospel and in 1 John, “word” is never to be understood in a personal sense… It means rather the “revelations” of God which had earlier been given to Israel (10:35), had come tot the Jews in Holy Scripture (5:38) and which had been entrusted to Jesus and committed by thim to his disciples (Jophn 8:55; 12:48; 17:6, 8, 14, 17; 1 John 1:1) and which would now be preserved by them (1 John 1:10; 2:5, 14). The slightly personifying way in which the word is spoken of as coming into the world (1:9-14) is typical of the personifying style of the Old Testament references tot the word (Jes. 55:11; Ps. 107:20; 147:15; cp. 2 Th. 3:1). It cannot be proved that the author of the prologue thought of the word as a real person. Only the historical Jesus and not the original word is said to be the Son (John 1:14, 18). But in this Son there dwelt and worked the eternal revelation of God” (p.132).

Prof Wendt: “From the time of Justin the logos Christology became dominant in Christian theology. This logos teaching created a contact and an agreement with the philosophy of Late Antiquity. The main problem for the latter was how to determine the relationship of the lower, material world to the transcendental world of God and the spirit. To solve this problem the existence of “middle beings” was posited. These beings were emanations of the deity and represented a gradual means by which the gap between God and man could be bridged. Christian speculation about the logos as the intermediary in creation was directly related to this hellenistic, philosophical speculation, since it offered a similar solution to the same cosmological problem…  But the combining of the cosmological, philosophical with the religious and soteriological interests contained an inner selfcontradiction. If the logos teaching were to offer an adequate solution to the cosmological problem, the logos had to be presented as a real, mediating person, proceeding indeed from God, but less than God, so that as mediator the logos could link God with man. If on the other hand the mediator were to bring salvation then his being must be of equal value with the salvation he is to bring to mankind.. He must be thought of “as of a God”. As either the cosmological view or the soteriological view prevailed, so correspondingly the distance of the logos from God or his similarity with God was emphasized” (pg. 143).

Prof. Wendt: “The close association of Jesus with the One God of Israel does not lead to the Christological conclusions of the creeds. The development which culminated at Nicea and Chalcedon may be traced in three major stages.
Firstly the “logo “ of Greek philosophy was identified by the Alexandrian theologians with the preexistent Christ. Secondly Origen postulated the unbiblical doctrine of the eternal generation of the Son. Thirdly the socalled Athanasian Creed, reflecting the Trinitarism of Augustine, abolished all subordination of the Son to the Father and reduced the distinctions within the Godhead to a point where it is alle but impossible to say how “the Three”: are to be described” (pg. 135).

Over aanbidden
Aanbidden is niet exclusief voor God:
1Ch 29:20 Daarop zeide David tot de gehele gemeente: Prijst nu de Here, uw God. Toen prees de gehele gemeente de Here, de God hunner vaderen, knielde en boog zich neder voor de Here en voor de koning. Da 2:46 ¶ Toen wierp koning Nebukadnessar zich op zijn aangezicht, en aanbad Daniel; ook beval hij een offer en reukwerk aan hem op te dragen. Re 3:9 Zie, Ik geef sommigen uit de synagoge des satans, van hen, die zeggen, dat zij Joden zijn en het niet zijn, maar liegen; zie, Ik zal maken, dat zij zullen komen en zich nederwerpen voor uw voeten, en erkennen, dat Ik u heb liefgehad.

Dat Jeshua aanbeden wordt, betekend niet dat hij God is. In worden Daniël cq. de heiligen ook aanbeden (proskenuo in Septuaginta), al wordt voor de Vader alleen het woord latreuo gebruikt (in het N.T.) Al lijkt het misschien dat Jeshua als God aanbidden wordt, dit is niet het geval: bv. hier: Mt 8:2 En zie, een melaatse kwam tot Hem en viel voor Hem neder, zeggende: Here, indien Gij wilt, kunt Gij mij reinigen.

Over dat Jeshua in het eind van Openbaringen de alpha en omega zou zijn: ‘In Rev. 22:12, 13 it may well be that the angel (the “he” of verse 10) speaks, as in the Old Testament, as God, representing Him. The Alpha en Omega of verse 13 probably refers, as does Rev. 1:8 and 21:6, to the Father for whom the angel in speaking. The Almighty God is the one “who comes” in Rev. 1:8, and His coming may be described also in Rev. 22:12, followed by the divine title in verse 13. Jesus is the speaker again from verse 16.

Alpha & Omgea
It was, he says, “eternal life” which had been “with the Father” (1 Joh 1:2). It was that impersonal “word of life” or “life” (1 John 1:1, 2) which had now been manifested in a real human person, Jesus. What preexisted was not the Son of God, but the word or message or promise of life. That primise of life was expressed in a human individual, the Messiah of Israel. Incarnation in the Bible does not mean that the second member of a Trinity became man, but the purpose of God to grant immortality to His creatures was revealed, demonstrated and embodied in a unique human way.

Nog meer ontstaan van Drie-eenheid
Whoever knows the development of the history of dogma knows that the image of God in the primitive Church was unitary, and only in the second centrury did it gradually, against the doctrine of subordinationism, become binary. For the Church Fathers such as Justin Martyr, Irenaeus, and Tertullian, Jesus is subodinate to the Father in everything, and Origen hesitated to direct his prayer to Christ, for as he wrote, that should properly be to the Father alone (geciteerd op p. 146).

Parafrase: Emporer Constantine, met goud beladen, zelf geen gelovige en een moordenaar, besliste dat de Alexandrijnse leer boven de Antochiaanse leer moest komen. Daarna werd dit bloedig ‘uitgewerkt’. Constantijns judgement favored the minority at the council. … The Greek philosophically-minded Alexandrian theologians, led by Athanasius, won the day. Koningen in die tijd lieten zich vaak (evt. postuum) God verklaren, net zoals dat bij Constantijn gebeurde.

In Hand. 14:11 zien we ook terug dat men geloofde dat de Goden in mensengedaante neerdaalden volgens de Grieken.


Joods concept van voorbestaan
“When the Jew wished to seignate something as predestined, he spoke of it as already ‘existing’ in heaven. Thus ‘preexistentence’ statements in the New Testament really have to do with foreordination and predestination. It was the Greek who misunderstood Jewish ways of thinking and turned Jesus into a cosmic figure who entered the earth grom outer space. But is such a Jesus a human being? Is he the true Messiah of Israel?” (pg. 160)

Volgende teksten tonen aan dat wij ook beloftes in de toekomst nu al ‘hebben’, op dezelfde manier als Jeshua altijd al bestaan ‘had’:

  1. 2Co 5:1 Want wij weten, dat, indien de aardse tent, waarin wij wonen, wordt afgebroken, wij een gebouw van God hebben, in de hemelen, niet met handen gemaakt, een eeuwig huis.
  2. Col 3:24 gij weet toch, dat gij van de Here tot vergelding de erfenis zult ontvangen. Gij dient Christus als heer.
  3. Joh 17:5 En nu, verheerlijk Gij Mij, Vader, bij Uzelf met de heerlijkheid, die Ik bij U had, eer de wereld was.
  4. 2Co 5:1 Want wij weten, dat, indien de aardse tent, waarin wij wonen, wordt afgebroken, wij een gebouw van God hebben, in de hemelen, niet met handen gemaakt, een eeuwig huis.
  5. Mk. 10:21 En Jezus, hem aanziende, kreeg hem lief en zeide tot hem: Een ding ontbreekt u, ga heen, verkoop al wat gij hebt en geef het aan de armen, en gij zult een schat in de hemel hebben, en kom hier, volg Mij.
  6. Mt 25:34 Dan zal de Koning tot hen, die aan zijn rechterhand zijn, zeggen: Komt, gij gezegenden mijns Vaders, beerft het Koninkrijk, dat u bereid is van de grondlegging der wereld af.”

Er is een ander woord voor het echte ‘voorbestaan’, nl. prouparchon.

Bible readers disregard this very Jewish way of thinking when they leap to the conclusion that when Jesus said he “had”glory with the father from the foundation of the world (Joh. 17:5), he meant that he was alive at that time. Certainly in a Western frame of reference the traditional understanding is reasonable. But can we not do the Messiah the honor of trying to understand his words in their own Hebrew environment? Should not the Bible be interpreted in the light of its own context and not our later creeds?” (p. 167)

Ro 4:17 gelijk geschreven staat: Tot een vader van vele volken heb Ik u gesteld. Voor het aangezicht van die God, in wie hij geloofde, die de doden levend maakt en het niet zijnde tot aanzijn roept.

Re 4:11 Gij, onze Here en God, zijt waardig te ontvangen de heerlijkheid, de eer en de macht; want Gij hebt alles geschapen, en om uw wil was het en werd het geschapen.

Pesikta Rabbati 152b:”from the beginning of the creation of the world the King Messiah was born, for he came up in the thought of God before the World was created”.

1Pe 1:20 Hij was van tevoren gekend, voor de grondlegging der wereld, doch is bij het einde der tijden geopenbaard ter wille van u

Ro 16:25 Hem nu, die bij machte is u te versterken (naar mijn evangelie en de prediking van Jezus Christus, naar de openbaring van het geheimenis, eeuwenlang verzwegen

1Co 2:7 maar wat wij spreken, als een geheimenis, is de verborgen wijsheid Gods, die God [reeds] van eeuwigheid voorbeschikt heeft tot onze heerlijkheid.

Re 13:8 En allen, die op de aarde wonen, zullen het [beest] aanbidden, ieder, wiens naam niet geschreven is in het boek des levens van het Lam, dat geslacht is sedert de grondlegging der wereld.

Alsof het al gebeurd is:
Ro 8:30 en die Hij tevoren bestemd heeft, dezen heeft Hij ook geroepen; en die Hij geroepen heeft, dezen heeft Hij ook gerechtvaardigd; en die Hij gerechtvaardigd heeft, dezen heeft Hij ook verheerlijkt.

Isa 9:6 Want een Kind is ons geboren, een Zoon is ons gegeven, en de heerschappij rust op zijn schouder en men noemt hem Wonderbare Raadsman, Sterke God, Eeuwige Vader, Vredevorst.

Ge 15:18 Te dien dage sloot de Here een verbond met Abram, zeggende: Aan uw nageslacht zal Ik dit land geven, van de rivier van Egypte tot de grote rivier, de rivier de Eufraat:
Ge 15:18 Ten zelfden dage maakte de HEERE een verbond met Abram, zeggende: Aan uw zaad heb Ik dit land gegeven, van de rivier van Egypte af, tot aan die grote rivier, de rivier Frath:

Gezonden door God is niet alleen Jeshua
Joh 1:6 Er trad een mens op, van God gezonden, wiens naam was Johannes;
Joh 3:2 deze kwam des nachts tot Hem en zeide tot Hem: Rabbi, wij weten, dat Gij van God gekomen zijt als leraar; want niemand kan die tekenen doen, welke Gij doet, tenzij God met Hem is.
Joh 8:47 Wie uit God is, hoort de woorden Gods; daarom hoort gij niet, omdat gij uit God niet zijt. 1Jo 4:1 Geliefden, vertrouwt niet iedere geest, maar beproeft de geesten, of zij uit God zijn; want vele valse profeten zijn in de wereld uitgegaan.

Er zijn dus meerdere shaliach’: gezondenen (al is er maar één eerstgeboren zoon van God).
Nog enige verzen:

Jas 1:17 Iedere gave, die goed, en elk geschenk, dat volmaakt is, daalt van boven neder, van de Vader der lichten, bij wie geen verandering is of zweem van ommekeer.
Jas 3:15 Dat is niet de wijsheid, die van boven komt, maar zij is aards, ongeestelijk, duivels;

Re 21:2 En ik zag de heilige stad, een nieuw Jeruzalem, nederdalende uit de hemel, van God, getooid als een bruid, die voor haar man versierd is.
Joh 18:37 Pilatus dan zeide tot Hem: Zijt Gij dus toch een koning? Jezus antwoordde: Gij zegt, dat Ik koning ben. Hiertoe ben Ik geboren en hiertoe ben Ik in de wereld gekomen, opdat Ik voor de waarheid zou getuigen; een ieder, die uit de waarheid is, hoort naar mijn stem.


Nog iets over aanbidding – In verbad met Daniël zijn visioen dat hij de Zoon des mensen is
Over aanbidding: ‘it does not follow drom Jesus’ acceptance of ‘worship’ that the blind man regarded Jesus as of the same nature with God. The term which is translated worship is used of the homage which subjects pay to their sovereign and simply implies that the one who receives it is of a dignity superior to the one who renders it’ (Op. 22:8) (p. 212).

Heilige Geest
Heilige Geest kan ook met ‘het’ vertaald worden, hoeft niet met ‘hem’

Ps 33:6 Door het woord des Heren zijn de hemelen gemaakt, door de adem van zijn mond al hun heer.

Isa 63:10 Maar zij waren wederspannig en bedroefden zijn heilige Geest; daarom veranderde Hij voor hen in een vijand.

Ac 8:26 En een engel des Heren sprak tot Filippus en zeide: Sta op en ga tegen de middag de weg op, die van Jeruzalem afdaalt naar Gaza. Deze is eenzaam. Ac 8:29 En de Geest zeide tot Filippus: Treed toe en voeg u bij deze wagen.
Gods geest spreekt hier door de engel des Heren, niet een aparte persoon (in de Godheid).

‘To ask whether in the NT the spirit is a person in the modern sense of the word would be like asking whether the spitit of Elijah is a person. The Spirit of God is of course personal; it’s Gods dunamis existing independently of God; it is a way of speaking about God’s personally acting in history, or of the Risen Christ’s personally acting in life and witness of the Church. The NT (and indeed patristic thought generally) nowhere represents the Spirit, any more than the wisdom of God, as having independent personality’ (p. 228).

Geest en hart zijn vaak verbonden en worden zelfs door elkaar gebruikt

Eminent professor of biblical languages, J.D. Michaelis: ‘It cannot be proved, out of the whole number of passages in the OT in which the Holy Spirit is metioned, that this is a person in the Godhead; and it is now the almost universally received opinion of leanerd commentators, that, in the language of the Jews, the “Holy Spirit” means nothing more than divine inspiration, without any reference to a person’ (233).

1Jo 4:13 Hieraan onderkennen wij, dat wij in Hem blijven en Hij in ons, dat Hij ons van zijn Geest gegeven heeft.
Dus geen persoon.

Jesus is God’s creative salvation plan expressed in a human person.

Dat de naam Immanuël ‘God met ons’ betekend, zegt niet dat dit letterlijk is. Zo heet iemand in Spr. 30 ook Ithiël genoemd, wat betekend: ‘God is met mij’ – dit zou de vader niet letterlijk bedoeld hebben.

En Ik ben niet meer in de wereld, maar zij zijn in de wereld en Ik kom tot U. Heilige Vader, bewaar hen in uw naam, welke Gij Mij gegeven hebt, dat zij een zijn zoals Wij.

Nog meer over het ontstaan van het concept van de Drie-eenheid
Origen (185-254) clearly did not think of Christ as coequal with the Father. In his commentaries on John he maintains that “God, the Logo” i.e.. the Son, is “surpassed by the God of the universe.” “The Son is in no respect to be compared with the Father; for he is the image of his goodness, and the effulgence not of God, but of His glory and of His eternal light.” Origenes bedacht als eerste het concept van de ‘eewigbestaande Zoon’, maar hij geloofde dat de zoon wel onderworpen aan God was. The Son ‘is divine only in a lesser form than the Father. The Son is theos (god), but only the Father is autotheos (absolute God, God in himself).

‘The earliest “apologists” and Church Fathers were not Trinitarian in the same sense as the later creed of Nicea. This fact may be verified by reading the original writings of these exponents of the faith or by consulting standards authorities on church history’ (p. 296).

A former  professor of the history of philosophy at the University of Vienna wrote: ‘Christianity today is like a tree, or a forest if you will, on a mountain top: uprooted by a storm, one suddenly sees how little soil it had to hold it up … The reasons dor this alarming fact is that Christianity is not rooted in the soil from which it’s tems – form Jewish piety, the Jewish fear of God, love of humanity, love of earthly pleasures, joy in the present and hope for the future. Christianity got itself in a dangerous position through its identification with the religio-political stae of Constantine. Since Pope John XXIII, some real oppurtunities have arisen to break free from the Constantine influcence’ (p. 304).

Het is niet genoeg alleen in het goede te geloven, je moet de waarheid ook kennen
1Ti 2:3-6 Dit is goed en aangenaam voor God, onze Heiland, die wil, dat alle mensen behouden worden en tot erkentenis der waarheid komen. Want er is een God en ook een middelaar tussen God en mensen, de mens Christus Jezus,

2Th 2:10 en met allerlei verlokkende ongerechtigheid, voor hen, die verloren gaan, omdat zij de liefde tot de waarheid niet aanvaard hebben, waardoor zij hadden kunnen behouden worden.

Lees verder:
YHWH Echad (Intro)
Gelooft iedereen in de Drie-eenheid?
Debat over JHWH Echad (video, Engels)
Gedachten van de Joden over de Middelaarsrol

# A Buzzard

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Yeshua de Messias is de belichaming van de Torah