Korte studie over bidden en vasten

Auteur: Chr. Levi Zoutendijk

Veel broeders lopen rond met een schuldgevoel dat zij niet genoeg zouden bidden en vasten . Opgezweept door charismatische figuren, wijten zij hun problemen (deels) aan een gebrek aan deze handelingen.
Maar is bidden en vasten wel precies wat velen van ons denken? En komt men niet van problemen af door gehoorzaamheid aan het goede alleen en weerstand tegen het kwade, zodat de duivel van ons vliedt?

Bidden en Vasten

Waarschuwing vooraf: Hoewel Jesjoea veertig dagen zich van eten kon onthouden zonder nadelige effecten, dient de gelovige zich – ook bij enkele dagen vasten – in te lichten over dit proces, vanuit gezondheidsoptiek.

Als we kijken naar bidden en vasten in de Bijbel vinden we o.a. deze verzen terug:

  1. “en nu was zij weduwe, ongeveer vierentachtig jaar oud, en zij diende God onafgebroken in de tempel, met vasten en bidden, nacht en dag: – Luc. 2:37
  2. “En ik richtte mijn aangezicht tot de Here God om te bidden en te smeken, in vasten en in zak en as”- Dan. 9:3
  3. “Maar dit geslacht vaart niet uit dan door bidden en vasten”- Mt. 17:21
  4. “En nadat zij voor hen in elke gemeente oudsten hadden aangewezen, droegen zij hen onder bidden en vasten de Here op, in wie zij geloofd hadden” (Hand. 14:23)

1) Uit het eerste vers leren wij dat het mogelijk is dat men dag en nacht vast… Als vasten alleen onthouding van voedsel (en drinken) betekent, dan zou deze godvruchtige vrouw dit niet dag en nacht vol kunnen houden… Zou het dan iets anders kunnen betekenen?

Paulus heeft het ook over een weduwe, die dag en nacht vast en bidt. Hij noemt het smeken en bidden: ‘Een ware weduwe dan, die alleen staat, heeft haar hoop op God gevestigd en volhardt in haar smekingen en gebeden dag en nacht;’ (1Tim. 5:5).
We zien hier dat vasten synoniem lijkt te kunnen zijn met smeken.

2) Daniël richtte zich tot JHWH ‘in’ vasten. Daarbij bad en smeekte hij al. Hier lijkt het vasten dus bovenop het smeken te komen. Blijkbaar is vasten niet alleen verootmoediging, maar toch een tijdelijke onthouding van voedsel (en drank).

Dit komt overeen met wat David zegt:

‘Maar mij aangaande, toen zij ziek waren, was een rouwgewaad mijn kleed, ik verootmoedigde mij met vasten, en mijn gebed keerde in mijn boezem weder (Ps 35:13)’.

Hier bestaat het verootmoedigen en vasten naast elkaar. Je kunt je blijkbaar verootmoedigen zónder en mét vasten.
Hoewel de twee begrippen zeer verbonden zijn, en je de begrippen elkaar deels overlappen, is diepe kan een echte vasten niet gepaard gaan zonder onthouding van eten en drinken (in verschillende gradaties).

3) De eerdergenoemde Mt. 17 noemt het vasten (en bidden) echter als regel om sommige (‘dit geslacht’) demonen uit te kunnen drijven. Dit vers is volgens de NBG later toegevoegd (of er bestaat twijfel over), en zou volgens mij goed toegevoegd kunnen zijn, net als andere verzen.
Veel valse lering (bv. uit de rk-kerk) komt namelijk voort uit de gedachte dat geloof alléén niet genoeg is. Jesjoea zegt hier evenwel dat men hen door kleingeloof niet kon wegsturen. En Jacobus leert later dat onderwerping aan God en verzet tegen de duivel genoeg moet zijn. Geloof alléén moet dus genoeg zijn, maar dit sterke geloof wordt vaak wel pas ‘vrijgesteld’ in onze ziel als wij ons volledig op God richten, wat weer niet zonder vasten kan…

4) Verder zien wij dat men onder bidden en vasten in de gemeente oudsten opdroeg aan de Heer. Dit soort belangrijke beslissingen kunnen blijkbaar niet zonder verootmoediging gaan, waarbij met zich door tijdelijke onthouding van eten/drinken zich op God richt.

Men kan wel stellen dat men dichter bij God komt door geen voedsel te gebruiken, maar de Bijbel leert altijd dat men moet vasten met het hart: de ware verootmoediging.
David zei: Ik weende onder het vasten van mijn ziel, maar het werd mij tot diepe smaad (Ps. 69:10).
Wanneer men met als persoon vast, ‘vergeet’ men welhaast zijn eten en staakt men ook de echtelijke gemeenschap voor korte tijd staakt (1 Kor. 7:5).

Conclusie

Vasten gaat niet in de eerste plaats om het onthouden van eten/drinken, maar kan hier vaak ook niet zonder, zeker bij grote beslissingen of crisissen.

Jesjoea zei wel: Doch er zullen [andere] dagen komen, en wanneer de bruidegom van hen weggenomen is, dan zullen zij vasten, in die dagen (Luc 5:35). Het is dus een opdracht om geregeld te vasten, bijvoorbeeld twee dagen per week, waarin met ijverig en met verootmoediging en gebed de Heer zoekt. Men kan die tijd o.a. gebruiken om zichzelf ernstig te onderzoeken, ook als men niet bewust is van zonden (2 Kor. 13:5 o.a.).

Jesjoea is onze bruidegom, die net als de in die tijd traditionele huwelijksceremonie even wegging. Wij wachten als bruid op zijn terugkomst, en wij ‘vasten’ tot hij terugkomt, wat inhoudt dat wij een leven van verootmoediging leven en op geregelde momenten Jesjoea en God hierin in het bijzonder zoeken.

Daarnaast zet met de Sjabbat apart om zich in de rust (geen werk) te verlustigen in JHWH, zonder ijdele taal uit te slaan of zijn eigen dingen te doen (Jes. 58). Op die manier vasten we ook op de heilige rustdag.

Toevoeging

De Messiaanse Jood I. Da Costa schreef over Jacobs worsteling:
Velen beschouwen het lichaam als van geen beduiding, en toch moet alles zich belichamen, zal het voor ons vastheid en zekerheid hebben. Ook het gebed moet zich belichamen; wij moeten niet enkel in onze gedachten, maar ook mondeling bidden, anders wordt de geestelijke gemeenschap met God benadeeld. Hier werd het gebed op nog hoger, op de hoogste wijze belichaamd; hier werd de worsteling der ziel geheel lichamelijk.

Velen beschouwen de ziel als iets afzonderlijks, als iets op zich zelf bestaande; maar Gods Woord stelt altijd de mens voor als één naar ziel en lichaam. De oude gelovigen zijn hiervan bijzonder tot voorbeeld. Deze konden uitteren door zielesmart, brullen de ganse dag, huilen en weeklagen dagen achtereen. Het vasten hunner zielen en dat huns lichaams gingen samen. Men kon het aan hun lichamen zien, wat er in hun zielen omging en als zij weder vertroost waren, dan zagen zij er ook weder fris en fleurig uit. Er is ook geen ware droefheid, waar het lichaam niet zijn deel in heeft. Laat ons dus het lichaam en de ziel niet scheiden, want dat is de dood.
(Isaäc Da Costa, Bijbellezingen, Deel1, p. 139)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Yeshua de Messias is de belichaming van de Torah