Ingezonden: Wet en Vreugde? – Beschouwing Student V. Lengkeek

Vincent Lengkeek: ‘God gaf Zijn leefregels niet voor de gein, Hij gaf ze om aan te geven wat goed voor een mens is en wat niet. Mensen hebben nou eenmaal behoefte aan regels en duidelijkheid. Gods geboden beschermen de mens van zonde en door je eraan te houden kun je jezelf volledig ontplooien.’ 

Simchat Thora

De vreugde der Wet

Door Vincent Lengkeek –Student journalistiek Christelijke hogeschool Ede 

Koning David was heel duidelijk over ‘de wet des Heeren’, de Thora. Psalm 119 getuigt van de vreugde die hij over de boeken van Mozes had. Ook vandaag wordt er door vele Joden met vreugde naar de Thora geleefd. De Sabbat, ‘rein eten’ en het dragen van de tzitziet1 zijn wezenlijke onderdelen voor een Thora-getrouwe Jood. Hoe anders is de visie van Christenen op de Thora, die op hetzelfde boek hun theologie baseren. Het ‘moeten’, regeltjes, het ‘juk’, – het zijn in kerken veel gehoorde termen over de Thora. De Wet is in het Christendom een last geworden in plaats van een bevrijding. Waarom hebben Christenen zo’n afkeer om te moeten? Waarom kijken zij zo moeizaam tegen de Wet, terwijl Joden er hun vreugde in vinden? 

Muur

Jezus2 vertelde zijn discipelen dat Hij de muur tussen Jood en heiden af zou breken. In de gelijkenis over de schaapskooi uit Johannes 10 vertelt Jezus dat hij de deur en de herder is van de schaapskooi. De schaapskooi staat in deze gelijkenis voor Israël. Dat is goed te zien in vers 16: Maar ik heb ook nog andere schapen, die niet uit deze schaapskooi komen. Ook die moet ik hoeden, ook zij zullen naar mijn stem luisteren: dan zal er één kudde zijn, met één herder (NBV).

Eén kudde en één herder, maar hoe komt het dan dat er zo’n scheiding is tussen Christenen en Joden? In de eerste plaats natuurlijk omdat de meeste Joden Jezus niet als Messias erkennen. Gezien de geschiedenis is dat niet zo raar. In de naam van Jezus vervolgde de kerk het Joodse volk, de Sabbat werd verboden en veranderd in de zondag. Alles wat joods was werd verboden. De Thora werd niet meer geleerd omdat deze volgens de kerkvaders niet meer geldig was. Het antisemitisme vierde in die dagen hoogtij.

Luther

Ook één van de meest invloedrijke kerkvaders was de Joden niet erg gezind toen zij weigerden zich te bekeren tot het Christendom. Zo blijkt Luther zelfs een grote bron van inspiratie te zijn geweest voor Hitler, die Luther vaak aanhaalde om de Jodenvervolging te ‘verklaren’. Luther schreef in 1543 een pamflet met de titel ‘Over de Joden en hun leugens’, hierin schrijft hij onder meer: “Men moet hun synagogen en scholen in brand steken en wat niet wil branden, moet men met aarde overdekken zodat geen mens er een steen of sintel meer van ziet, voor eeuwig niet”.3  

Luther bracht een scheiding teweeg van het Rooms-Katholieke gedachtegoed. Het hellevuur en het afkopen van je zonden werd herzien. De Bijbel werd steeds meer door de gewone leek gelezen. Toch hield de antisemitische houding tegenover de Joden stand.

Alleen al de vertaling van ‘Thora’ in het Hebreeuws naar ‘wet’ is onjuist. Thora betekent namelijk ‘onderwijzing’. ‘Wet’ is slechts een beperkte weergave van de Thora, die ook bestaat uit de verbonden en verhalen van Israël. De Thora is meer dan alleen een verzameling van wetten. Bovendien is Jezus het vleesgeworden Woord3, de levende Thora. 

Visie van vandaag

Vandaag de dag zijn in Nederland steeds meer kerken die op basis van de Bijbel Israël goedgezind zijn. Zionistische Christenen getuigen regelmatig van hun onvoorwaardelijke steun voor Israël en het Joodse volk. De visie op de Thora is een stuk minder negatief dan voorheen, al wordt deze over het algemeen niet erkend als geldig voor vandaag. Achter de vervangingstheologie staan veel kerken allang niet meer. Deze theologie houdt in dat de kerk in de plaats van Israël is gekomen en deze wordt vooral door de Rooms-Katholieke kerk geleerd. Zoals de Paus de vervanger van Christus op aarde is, zo is ook Israël vervangen door de kerk.

De nadruk binnen de Christelijke wereld werd vroeger vooral gelegd op zonden en de vrees voor God. Men moest een goed en vroom leven voor God leiden. Tegenwoordig lijkt deze boodschap steeds minder bij de mensen aan te spreken. De traditionele kerken lopen steeds meer leeg. Er is meer behoefte aan een boodschap van liefde en relatie, God moet dichterbij komen en sterk ervaren worden. Vooral in Evangelische en Pinkstergemeentes ligt de nadruk sterk op de ‘Geest’. Niet meer het ‘moeten’ maar het ‘ont-moeten’ staat centraal. Bepaalde Visies op homoseksualiteit, andere geloven zoals de Islam en zaken als samenwonen lijken in steeds meer kerken geaccepteerd te worden.

Ont-moeten

De ‘vrijheid in Christus’ wordt dus meer en meer aangehaald. De nadruk ligt vooral op genade en een liefhebbende God. Er wordt weinig meer gesproken over de wet en de tien geboden uit de Thora, Exodus 20 [die ook genade zijn, red.]. Vroeger werden deze grondbeginselen van de Bijbel nog in veel kerken elke zondag voorgelezen vanaf de kansel. Tegenwoordig is deze traditie in steeds minder kerken nog in gebruik. Het ‘gij zult’  is niet meer geliefd. Het geloof in Jezus lijkt steeds vrijblijvender en daarmee ook ‘wereldser’ te worden.

Simchat thora

Ziet U een dominee al dansen met de boekrollen van Mozes? De rabbijnen doen het met Simchat thora, de vreugde van de Wet. Dat is de Achtste dag van het Loofhuttenfeest3. Dit feest is één van de Feesten die in de Thora gegeven zijn en worden vandaag nog steeds gevierd. Met name Joden, maar ook een groeiende groep Christenen vieren deze Feesten zoals de Sabbat, Pesach en Grote Verzoendag. Bij Simchat thora komt het duidelijkst tot uiting dat Joden het ‘moeten’ lief hebben. Met grote vreugde wordt er met de Thora rol gedanst.

Wat een tegenstelling met het Christendom waar dezelfde Thora als een grote last wordt gezien. Veel Christenen zien op tegen alle wetten die in het Oude Testament genoemd worden. Veel theologen stellen dan ook dat de Thora ‘aan het kruis is genageld’, of ‘door Jezus vervuld’. Hier komt het aan op de grote scheiding tussen het Jodendom en het Christendom. Niet alleen Jezus, maar ook het verwerpen van de Thora zijn een doorn in het oog voor een Jood. Er wordt nauwelijks meer beseft dat Jezus zélf een Jood was en dat hij de Thora niet één keer overtreden heeft. In plaats daarvan is het beeld van Jezus veranderd in een zondagsvierder die gerust een stukje varkensvlees eet.

 

‘What Would Jesus Do’ (WWJD) is een bekende term binnen de Christelijke wereld. Bij elke keuze die je als gelovige maakt kun je nagaan wat Jezus zou doen, zo luidt de uitleg van deze leus. Wordt er hierbij ooit rekening gehouden met de Thora-getrouwheid van Jezus?

Vrijblijvend geloven

Tegenwoordig hebben veel mensen behoefte aan vrijblijvendheid, ook in het geloof. De liefde voor elkaar spreekt wel aan, maar ‘je kruis op je nemen’ niet. Kerken en Christenen sluiten onder invloed van de maatschappij steeds meer compromissen. De ‘strenge’ kerkopvattingen als geen seks voor het huwelijk, spreken onder veel jongeren niet meer aan. Gortig alcoholgebruik wordt ook onder gelovigen steeds normaler en uitgaan moet toch ook wel kunnen. Het blijft vaak niet meer bij een wijntje. Niet alleen in de wereld, maar ook in de kerken schuift de grens van het toelaatbare steeds verder op.

Tegenstanders van deze verbastering van geloofsopvattingen wijzen op het laatste Bijbelboek Openbaringen. Dit boek begint met een aantal brieven aan de gemeentes toentertijd.

In Openbaringen 3:15-17 staat: Ik ken uw werken, en weet dat u niet koud en niet heet bent. Was u maar koud of heet! Maar omdat u lauw bent en niet koud en ook niet heet, zal Ik u uit Mijn mond spuwen. Want u zegt: Ik ben rijk en steeds rijker geworden en heb aan niets gebrek, maar u weet niet dat juist u ellendig, beklagenswaardig, arm, blind en naakt bent (HSV).

Menig prediker legt aan de hand van deze tekst uit dat je als gelovige standvastig moet blijven en niet mee moet gaan in de zaken van deze wereld.

Dilemma

Waar baseert een gelovig iemand zijn of haar keuzes op? In hoeverre moet ik luisteren naar mijn klasgenoten en de Bijbel? Het zijn de dagelijkse dilemma’s voor iemand die vast wil houden aan een boek dat duizenden jaren geleden geschreven is. Ondanks de kloof van tijd is dit boek nog steeds actueel en voor velen dagelijks gespreksstof. De Bijbel wordt bij dag en bij nacht overpeinsd, zoals Koning David ook de Thora bij dag en bij nacht overdacht. Psalm 1 getuigt hier van en is daarmee een vaste rots in de discussie over de Wet van God. In de stroom van meningen, artikelen, verleidingen en wetteloosheid is alleen de Bijbel gezaghebbend. Hoe sterk het geloof is hangt af van hoe er met de Bijbel mee om wordt gegaan.

Leegloop

De traditionele kerken lopen leeg. Vooral jongeren voelen zich niet meer aangesproken tot de Bijbel. Christenen willen niet meer het ‘Gij zult’ aanhoren en meer ‘ont-moeten’. Bij het ‘moeten’ deinzen mensen steeds sneller terug. Men wil in deze tijd zelf bepalen wat goed en slecht is. De Bijbel wordt daar steeds minder voor nodig gevonden en wordt steeds vaker losgelaten als leidraad. Er komt meer een gedachte dat wij mensen het zelf wel kunnen regelen.

Peter van ’t Riet, schrijver van het boek Het mensbeeld van de Tora, omschrijft het zo: “Enerzijds leven wij in een wereld waaruit God aan het verdwijnen is, een wereld die fantastische, maar ook verbijsterende kanten heeft. Anderzijds voelen wij de behoefte aan een standaard voor gedrag en leven die meer gezag heeft dan alleen die van de intermenselijke subjectiviteit (Pg. 7).” Hij benadrukt de regels die wij als mensen nodig hebben.

Joodse broer als voorbeeld

Het wordt steeds lastiger om als volgeling van Jezus vast te houden aan de Bijbel. Denk bijvoorbeeld aan de weigerambtenaar. Het volgen van de Thora brengt veel strijd met zich mee. Koosjer slachten en de besnijdenis staan op de politieke agenda om verboden te worden. Punten die vooral voor Joden erg gevoelig liggen.

Gelovigen die vast willen houden aan de geboden van God zouden een voorbeeld kunnen nemen aan het Joodse volk. De Joden streven er vol vreugde naar om volgens de richtlijnen van de Thora te leven. Het is daarbij niet de vraag of de Thora nog geldig is vandaag de dag, maar hoe deze moet worden geleefd. Deze wet wordt bij dag en bij nacht overdacht. Christenen zouden een voorbeeld kunnen nemen aan de manier waarop de Joden gehoorzaamheid aan God betonen, en de vreugde die zij daarbij beleven.

Maslow

Tot 1900 waren er maar weinig psychologen die van de gezonde mens uitgingen. Denk bijvoorbeeld aan Freud. Hij ging ervan uit dat de mens geestesziek is. Abraham Maslow benaderde de mens juist andersom. Hij dacht niet waarom is iemand geestelijk ziek, maar waarom denkt iemand niet als de normale, gezonde mens. Maslow is een van de grondleggers van de humanistische psychologie. Volgens deze theorie is de kern van het mens-zijn de zelfontplooiing. Maslow maakte een piramide over de drijfveren van de mens om zich te ontwikkelen. Om de top, zelfontwikkeling, te bereiken zijn een aantal behoeften nodig. Als eerste de primaire biologische behoeften zoals onderdak en kleding. Ten tweede bestaanszekerheid en veiligheid. Vervolgens sociale behoeften om ergens bij te horen en begrepen, aanvaard en geliefd te worden. Volgens Maslow is (zelf)erkenning de laatste waarde om tot zelfontplooiing te komen. Hoe beter de omstandigheden van de mens, hoe meer hij zichzelf kan ontwikkelen. Volgens de humanistische psychologie heeft de mens zelfs oneindige mogelijkheden om alles uit zichzelf te halen, wanneer alle omstandigheden tenminste goed zijn. Daar moet de mens zich op richten. Dat is veel effectiever dan rekening te houden met conditionering, driften, geweten en beloning of straf. Al erkent de humanistische visie de invloeden van die factoren wel.

In de Thora staan op overtreding van bepaalde leefregels soms strenge straffen. Vaak wordt met een kortzichtige blik op het Oude en Nieuwe Testament een beeld geschetst dat God opeens van straffend naar vergevend is veranderd. In de Thora echter wou God telkens weer verzoening brengen tussen Hem en zijn volk. Hij wou niet dat Israël uit angst of verplichting Zijn geboden hield, maar uit liefde en vertrouwen. God gaf Zijn leefregels niet voor de gein, Hij gaf ze om aan te geven wat goed voor een mens is en wat niet. Mensen hebben nou eenmaal behoefte aan regels en duidelijkheid. Gods geboden beschermen de mens van zonde en door je eraan te houden kun je jezelf volledig ontplooien. Deze geboden en principes zijn zowel voor de lichamelijke gezondheid, als voor de psychische gezondheid bevorderlijk. Ze zijn gegeven om een gezond, rein en gehoorzaam leven te leiden.

Voetnoten

1 De tzitziet zijn de blauwe gedenkkwasten aan de Tora. Deze worden aan de vier hoeken van de gebedsmantel of hemd bevestigt, naar Numeri 15:37-41 en Deut. 22:12.
2 Of: Yeshua, zijn oorspronkelijke Joodse naam.
3 Naar Johannes 1:14: Het Woord is mens geworden en heeft bij ons gewoond, vol van goedheid en waarheid, en wij hebben zijn grootheid gezien, de grootheid van de enige Zoon van de Vader (NBV).
4 Een overzicht van de Feesten des Heeren staat in Leviticus 23.

Bronnen

Voor dit artikel heb ik niet expliciet een aantal bronnen gebruikt. Wel met behulp van de volgende boeken:

-Nieuwe Bijbel Vertaling (NBG Haarlem, 2004) en de Herziene Statenvertaling (Jongbloed, Dordrecht 2010)
-Ariel en D’vorah Berkowitz – de Tora (Gideon, Hoornaar 1999)
-Overlegorgaan van Joden en Christenen in Nederland (OJEC) – Vreugde om de Tora (uitgeverij Kok – Kampen, 1984)
-Peter van ’t Riet – Het mensbeeld van de Tora (uitgeverij Kok – Kampen, 2006)